Nadia de Vries’ nieuwe roman: grillig, slim en onthecht

Na maanden vast te hebben gezeten in het dystopische The Sheep Look Up, had ik iets fris en korts nodig. Dus besloot ik dit nieuwe Nederlandse boek van 160 pagina’s te lezen, aangetrokken door de cover en de titel.
Overgave op commando is de tweede roman van Nadia de Vries. Haar debuut uit 2022, De Bakvis, werd in het Engels vertaald als Thistle, en ze schreef drie Engelstalige dichtbundels: Dark Hour (2018), I Failed to Swoon (2021) en Know Thy Audience (2023).

Nadia de Vries heeft al een bewogen leven gehad, en ze is daar open over. De beschrijving van Kleinzeer (2019), een non-fictieve verkenning van zichzelf en hoe de samenleving omgaat met zwakkeren, leest als gefundenes Fressen voor iedereen die een donkere Bildungsroman zou willen schrijven: als kind denken niet lang te zullen leven door mastocytose, en daarna een persoonlijkheidsstoornis en suïcidale gedachten. In 2020 promoveerde ze dan weer met een proefschrift over online afbeeldingen van dode lichamen, en de politieke doeleinden waarvoor die worden ingezet.
Een held die niet vooruitkomt
Overgave op commando is ook een soort donkere Bildungsroman, maar, los van de allereerste zin, gaat hij niet over De Vries. Zelf heeft ze het in het interview op YouTube hierboven over een hedendaagse schelmenroman – maar dan wel eentje waarbij de held niet echt vooruitkomt in het leven. Het hoofdpersonage heet Schelvis, en de enige positieve ontwikkeling die Schelvis doormaakt is leren te berusten. Hoewel weinig spectaculair, is zulks toch heel wat – ik zou zeggen veel meer dan hoe de traditionele schelm het leven weet te overwinnen.
Overgave op commando raakt veel thema’s aan, maar focust vooral op macht en klassenbewustzijn: hoe word je gedetermineerd door waar je geboren wordt, wie je ouders zijn? Verwacht geen diepgaande sociologische analyse, eerder een salvo aan rake observaties, die er door hun heldere, droge formulering in slagen dingen in een helderder licht te zetten, of soms een perspectief aanreiken van waaruit je iets nog niet had bekeken.
Taal en toon: tussen ironie en ernst
Onlangs las ik het uitstekende Boek 1 van Martin Rombouts. Dat boek verscheen ook dit jaar en het is ook geschreven door een Nederlander die al een carrière als dichter had. Rombouts is een generatiegenoot van Nadia de Vries: hij is van 1992, zij van 1991. In mijn recensie van Rombouts’ debuut heb ik het moeten hebben over ironie, en wat dat nog betekent vandaag de dag.
Ook De Vries gebruikt een taal die vragen oproept: de zinsconstructies en de woordenschat van Schelvis als verteller komen niet geheel overeen met diens opleidingsniveau. De Vries gebruikt woorden als “carnavalesk” en “komisch” en “overdreven” om haar roman te beschrijven, en er zit inderdaad iets opmerkelijks in haar toon – ik moest vaak aan de peetvader van de Nederlandse ironie denken: Gerard Reve, en dan specifiek aan Werther Nieland, ook een boek over een zoekend, opgroeiend kind, wreedheden en een zekere onthechting incluis.
Ik weet bijvoorbeeld nog altijd niet wat ik moet denken over een zin als “Ik droeg graag witte sportschoenen, maar wanneer het op de ontlasting van hun dieren aankwam, namen mijn dorpsgenoten het niet zo nauw met reinheid.” Enerzijds is die puntgaaf, en anderzijds druipt het gekunstelde er vanaf, enerzijds bloedserieus, anderzijds behoorlijk tongue in cheeck.
Welhaast tijdloos sprookje
Overgave op commando leest daardoor soms als een haast tijdloos sprookje, ook al komen potjes fluoklei en smartphones af en toe piepen, en ook al is de schriftuur waar De Vries voor koos altijd nadrukkelijk aanwezig.
In het YouTube-interview hierboven zegt De Vries iets interessants. Ze probeert er voor te zorgen dat de lezer zich niet gedwongen voelt om zich af te vragen hoe die zich emotioneel verhoudt met de personages. Liever heeft ze dat de lezer naar héél het verhaal kijkt. Ze kiest voor een narratief dat niet gedreven wordt door emoties. Ik denk dat ze daarin is gelukt, ongetwijfeld ook door haar structurele keuzes in het verhaal zelf, maar, naar mijn aanvoelen, vooral door de taal die ze gebruikt.
Een verhaal over klasse en lot
Nu ik mijn notities herlees, bedenk ik me dat Overgave op commando misschien een ruimer thema heeft dan klasse: het lot. Het lot dringt Schelvis sinistere kennis op, mensen mogen niet beslissen wanneer hun leven begint, en ook de heersende klasse ziet zichzelf als slachtoffer.
En ja hoor: de achterflap bevestigt, al legt het de klemtoon elders: “het verschil tussen mensen die hun lot mogen kiezen en mensen die hun lot moeten ondergaan.” Ik geloof niet dat er iemand is die zijn lot kiest, ook niet in Overgave op commando. De wereld is ons ieder omstandigheid, en de aarde ons aller mystieke binnenste.
Aanrader.
Meer boekrecensies van Bart Borgmans vind je op Weighing A Pig
In de bib
Overgave op commando kan je met je Merkplasse lidkaart gratis uitlenen in de bib van Oud-Turnhout.
Als je lid bent van de bib van Turnhout, vind je het daar ook.


