Geschiedenis

Verloren maandag

Vandaag, maandag 13 januari, is het weer zover: de eerste maandag na Driekoningen (6 januari) of verloren maandag. Traditiegetrouw eten we dan worstenbroden en/of appelbollen.

foto: T. Druyts, Wikipedia

Als je compleet uit de lucht komt vallen of van elders naar de provincie Antwerpen afzakte (het is immers een traditie die vooral in de provincie Antwerpen en in Doornik nog gekend is):

  • een worstenbrood is een broodje van bladerdeeg waarin 1 of 2 gehaktworsten zijn verwerkt,
  • een appelbol is een van het klokhuis ontdane appel die met suiker en kaneel verpakt is in bladerdeeg.

In de wintermaanden vind je deze lekkernijen steevast terug bij de bakkers, maar op verloren maandag staan ze bij nagenoeg iedereen op het menu. 

Toeloop na Tweede Wereldoorlog

Het eten van écht worstenbrood zoals wij dat nu kennen, wordt voor het eerst vermeld in 1913, in een boek van Edward Poffé. Volgens hem is dit gebruik pas ontstaan na 1880. De grote toeloop bij de bakkers voor worstenbrood en appelbollen dateert van na de Tweede Wereldoorlog. Over de herkomst van verloren maandag doen vele verhalen de ronde. Op basis van historische gegevens kunnen we een aantal hypothesen naar voor schuiven.

verloren maandag: appelbollen
Appelbollen, vanochtend bij Bakkerij Vermeersch-Van de Poel

Verzworen maandag

Archiefstukken spreken wel eens van een verzworen maandag. Een akte uit 1231 van Lotharingen heeft het over lundi parjuré. Op die dag leggen sommige ambtenaren een eed af of zweren ze trouw. Vandaar is de benaming verzworen maandag afkomstig. Die benaming beperkt zich echter niet tot de eerste maandag na Driekoningen. Die verzworen maandag kon ook plaatsvinden na Pasen of Kerstmis.

In 1730 wordt in Leuven een eerste keer van verloren maandag gesproken. Dat was de dag waarop er niet gewerkt wordt, omwille van de feestelijkheden ter gelegenheid van de eedaflegging van de ambtenaren. Om het feest voor de stad betaalbaar te houden, krijgen de ambtenaren een goedkoop vleesbroodje te eten. Het worstenbrood doet zijn intrede!

Feest van de gilden

Vanaf de Middeleeuwen verenigen mensen die hetzelfde beroep uitoefenen zich in een gilde, een soort belangenorganisatie. Daar wordt kennis en ervaring uitgewisseld. Nieuwe leden worden opgeleid in het vak. Ze gaan als leerling in de leer bij een vakman. Na die opleiding krijgt de leerling de titel van gezel en uiteindelijk kan hij de titel meester verkrijgen na het doen van een gilde- of meesterproef.

Maar de gilde behartigt en beschermt ook de belangen van al haar leden. Ze zijn dan ook strak georganiseerd. De lonen en prijzen van de producten worden vastgelegd en er is controle op de kwaliteit van de producten. De gilde heeft een grote invloed op het leven van haar leden. Lid zijn van een gilde geeft je het recht om een bepaald beroep uit te oefenen, maar biedt ook een vorm van sociale zekerheid. Als je niet langer kan werken door ziekte of ouderdom, wordt je door de gilde ondersteund.

Nicolaas van Myra

Elke gilde heeft haar eigen patroonheilige. Die van de bakkersgilde is Sint-Nicolaas (jawel, die goedheilig man die begin december een bezoek brengt aan onze contreien).

Een verloren werkdag

Er gaan verschillende verhalen rond van verloren dagen bij de gilden omdat de ambachtslui niet aan werken toe komen. Zo zouden de gilden in het begin van de 18de eeuw hun nieuwjaarsfeest organiseren op “verloren maandag”.

Een andere variant ziet de eerste werkdag van het nieuwe kalenderjaar als een verloren werkdag. De nieuwjaarswensen aan de collega’s zouden steevast eindigen met een bezoek aan een café, soms zelfs georganiseerd door de patroon.

Een andere variant heeft het over het voorlezen van de gildeboeken waarin de rechten en plichten staan geschreven van de ambachtslui. Daarna zou de patroon, die aan het hoofd van de gilde staat, zijn leden op een borrel trakteren. Die traktatie zou vooral in Antwerpen in gebruik zijn geweest. Elders gingen gildeleden van deur tot deur nieuwjaar wensen in naam van hun patroon. In alle verhalen komt het er op neer dat de ambachtslui een gelegenheid hebben om feest te vieren, wat leidde tot herbergbezoeken en werkverzuim.

Om dorst te krijgen?

Dit drukke bezoek aan hun herberg brengt de herbergiers op ideeën. Zij willen hun klanten zo lang mogelijk in hun zaak houden en bieden hen zoute hapjes aan waardoor de bezoekers nog meer dorst krijgen. In samenwerking met de slagers en bakkers trakteren ze hun klanten op gebraden, vet vlees en versgebakken brood.

Een ander verhaal benadrukt het inwerken van de nieuwe leerlingen in de gilde. De ene variant heeft het over de nieuwe leerlingen die ingewerkt moeten worden in de gilden van de bakkers en slagers. Maar tegelijk moeten ze ook hun klanten bedienen. Ze zoeken daarom een oplossing voor een gebak dat snel klaar is en weinig voorbereiding vraagt: een dubbele, vettige worst in een luchtig gebak van bladerdeeg. Een andere variant stelt dan weer dat de eerste werkdag van het nieuwe jaar start met een mis in de zijkapel van de patroonheilige. Nadien trekken de gezellen en meesters naar hun werkplek waar ze de nieuwe leerlingen leren kennen. Dan is de dag al zo ver gevorderd dat het niet meer de moeite is om nog te starten met het werk.

De Antwerpse haven

Traditioneel mogen de havenarbeiders op de maandag na Driekoningen drinken op kosten van de natiebazen. Daarbij krijgen ze iets warms te eten aangeboden, gemaakt van onverkoopbaar vlees of van de overschot van het vlees van de feestdagen, en brood. Dit verloren vlees zou dan aan de oorsprong liggen van de benaming verloren maandag.

Bron
Door de gemeente gehuldigd, in De Nieuwe Spetser, februari 2008Verloren maandag, op Wikipedia Verloren Maandag, De Nieuwe Spetser, jan. 2019

1 reactie

  1. Mooi artikel, maar in feite is het niet op de eerste maandag na Driekoningen, maar op de maandag volgend op de eerste zondag na Driekoningen. Altijd voer voor discussie als Driekoningen op een zondag valt en veel bakkers vieren dan maar twee keer verloren maandag …

Reageer

Back to top button