Nieuws

Tim Nijsmans: “Beleggen doe je best lui”

Een boek uitgeven bij Lannoo, dat na twee dagen al een tweede druk beleeft en in de Standaard Boekhandel dit weekend op de 5de plaats staat bij de non-fictieboeken: het overkomt niet zoveel mensen uit ons dorp.

Tim Nijsmans, die hier in Merksplas opgroeide, schreef samen met Yoran Brondsema De Hangmatbelegger. Zorgeloos beleggen voor mensen met weinig tijd. “Lui beleggen, daarover gaat het inderdaad”, zegt Tim. “Mensen hebben over hun geldzaken graag advies. Actief beleggen zit bij ons als instinct ingebakken. Maar in ons boek pleiten we voor een nieuwe manier van beleggen: passief beleggen. Je belegt zelf buiten de bank om in indexfondsen en ETF’s. En vervolgens moet je je emoties onder controle houden en de markt haar beloop laten gaan. Volgens ons en de academische studies scoren zo’n passieve fondsen beter dan actief beheerde fondsen. Tegelijk kost het je minder tijd, je betaalt minder beheerskosten, en het levert je meer kans op winst op.”

Tim Nijsmans: "Beleggen doe je best lui"
De Hangmatbelegger prijkt onmiddellijk al op de vijfde plaats bij Standaard Boekhandel

Wanneer kreeg economie jou in haar greep, Tim?

“Eigenlijk al toen ik nog klein was, vrees ik. Op de speelplaats van de jongensschool hier had ik al een obsessie met knikkers. Niet om ermee te spelen, maar wel om ze te ruilen. Ik verzamelde ze en probeerde hun ruilwaarde goed in te schatten. Of ik ontdekte op onze tv thuis de beurspagina’s van Teletekst. Ik begreep dat die om geld draaiden, maar het fascineerde me dat die cijfers constant veranderden.”

“Mijn moeder werkte in Turnhout, en als de school op Sint-Victor uit was, kon ik terwijl ik op haar wachtte nog even naar de bib. Daar ontdekte ik beleggingsboeken en -bladen. Elke week las ik die van begin tot het einde. Daar ontdekte ik ook het boek ‘Winnen met aandelen‘ van Roland Van der Elst, de man die Vlaanderen leerde beleggen.”

“Na mijn humaniora ging ik in Antwerpen economie studeren. Ik had het geluk dat ze er een studentenbeleggingsclub hadden. Ik heb mij daar op gestort. Af en toe werd ik er verbijsterd aangekeken door laatstejaars die zich afvroegen waar ik mijn kennis en inzichten toch kon hebben opgedaan. Ik wou maar al te graag in de beleggingswereld verzeild geraken. Dat ik flink wat lessen oversloeg om in de leeszaal De Tijd te verorberen, maakte dat er niet makkelijker op. Het hielp alleszins niet met mijn puntentotaal.”

Leergeld

“In 2003 studeerde ik af, drie jaar nadat de beurs met de technologiehype op haar hoogtepunt stond. Daardoor was het moeilijk om een job te vinden. Ik kon aan de slag bij Fortis Investments. Het betaalde slecht, en de job omhelsde niet veel meer dan vele cijfertjes intikken. Ik beleefde nog even een tussenstop bij de grootbank Fortis, maar dat werk paste evenmin bij mijn karakter. Toen belandde ik bij de effectenbank Dierickx-Leys. Dat was een klassiek huis dat klanten met een boeiend aantal producten hielp: aandelen, goud, obligaties, vreemde munten… Ik kreeg daar de kans om van alles wat te proeven, en promoveerde er heel snel tot vermogensbeheerder.”

“Dat was een boeiende tijd: ik begon portefeuilles voor klanten samen te stellen, en na een tijdje beheerde ik zo’n 300 miljoen euro. Dat was boeiend maatwerk. Dierickx-Leys roomde 10% van de nettowinsten af, maar als het fout ging, hoefden klanten niet te betalen. Het was zo wat no cure, no pay.”

“Maar gaandeweg voelde de bank ook de weerslag van de financiële crisis. Er kwam een nieuwe directie, de kosten voor de klant stegen, en we gingen meer en meer op een grootbank lijken. Ik nam ontslag, en begon voor mezelf.”

Andere aanpak dan de bank

“De meeste banken werken zo: ze starten met een gratis babbel. Daarin raden ze de klant hun eigen producten aan. Daar verdienen ze dan veel geld op: niet alleen betaal je als klant instapkosten, maar vooral tellen de beheerskosten – 2 procent of meer – ook door, en dat elk jaar opnieuw. En ze laten je geloven dat zij met hun keuzes, analyses en inzichten, het beter kunnen doen dan de beurs.”

“Ik draaide dat om: ik vraag aan de klant een bedrag voor het eerste advies. Ik kan die alles aanraden waar ik in geloof – en ik hoef niet per se producten te verkopen. Maar ik heb wel veel vertrouwen in ETF’s: exchange-traded funds, of trackers. Dat zijn fondsen die passief beheerd worden en een beursindex volgen. Je koopt dus geen aandelen van één, twee of tien bedrijven, maar van de héle beurs tegelijk. Zo verklein je de risico’s die je loopt als je belegt in één firma.”

“In 2010 kocht ik mijn eerste ETF, op de dag dat we – toen ik daar nog werkte – met de bank een nieuw aandelenfonds opstartten. Gaandeweg zag ik die ETF het beter doen dan ons product, alhoewel ik daarbij mijn handen aan de knoppen had. Dertien jaar later, scoort die ETF 40% beter. Of we met onze bank het slechter deden dan andere banken? Dat onderzocht ik ook, en tot mijn verbazing bleken veel andere banken het er nog slechter vanaf te brengen.”

Tim Nijsmans: "Beleggen doe je best lui"

De beurs is een dorp

“Ik kan de werking van ETF’s misschien toepassen op Merksplas. Eigenlijk koop je dan een soort van aandeel van zowel de bakker, de winkel, de beenhouwer, de pizzeria, de elektrozaak… Je kiest er niet speciaal één zelfstandige uit – want dan neem je een risico, maar je investeert in het hele dorp. Je kan er van op aan dat die zelfstandigen hun zaak met een zekere ambitie uitbaten: ze doen dat niet voor enkele maanden, maar wel om het jaren uit te houden. Eentje mag er af en toe minder goed draaien, maar de slotsom is dat de meeste zaken het er op termijn goed vanaf brengen. Binnen tien jaar zullen ze er ook nog wel zijn. Zo werkt de beurs ook: die wordt ook altijd beter.”

Investeren is eigenlijk een beter woord dan beleggen. En je doet dat dan voor een periode van 5 à 7 jaar. Dat is de tijdshorizon die je jezelf moet stellen.

Hoeveel geld heb je eigenlijk nodig om passief te beleggen?

“Eén van de voordelen van passief beleggen is dat je al met lage bedragen kan beginnen. Met 50 euro kan je al een eerste ETF aankopen. Maar je kan er ook zeer grote bedragen in beleggen. Heel gespreid, tegen lage kosten.”

“Toch moet je, voor je kan beginnen beleggen, een kapitaal opbouwen. Sparen is belangrijk. Hoe meer je spaart, hoe makkelijker je regelmatig een deel van je inkomen kan beleggen. En je moet natuurlijk ook een noodbuffer houden voor onverwachte zaken. Beleggen doe je immers met geld dat je lange tijd kan missen.”

“Je kan er op elk moment aan beginnen. Ook nog op je zestigste: de gemiddelde leeftijdsduur ligt hoog hoor, hier in België.”

“Maar hangmatbeleggen is een concept dat soms moeilijk te verdedigen valt. Mensen krijgen graag advies en worden graag begeleid, maar ze geloven in actief beleggen, in keuzes maken op het moment wanneer dat nodig is. Volgens ons scoort passief beleggen beter, al hoort de bankwereld dat niet graag. Beleggen heeft weinig te maken met talent, kennis of studiewerk, maar meer met je emoties onder controle te houden, en met geen denkfouten te maken. De tijd zijn werk laten doen, levert meer winst op.”

Tim Nijsmans: "Beleggen doe je best lui"
Tim Nijsmans, hier met coauteur Yoran Brondsema (r)
Tim Nijsmans: "Beleggen doe je best lui"

Mensen overtuigen met een boek

“Met mijn ervaringen wou ik meer mensen bereiken. Een boek maken was een oplossing, maar schrijven is niet onmiddellijk een van mijn talenten. De uitgever bracht me in contact met Yoran, een jonge gast uit het Brusselse die een app had gelanceerd in Silicon Valley, en net in België ook een, jawel, passieve beleggings-app, Curvo, had uitgebracht. Die wou zijn kennis ook delen met een boek. We waren tot voor kort twee nobele onbekenden, maar samen bundelden we onze krachten.”

Hoe breng je je dagen nu door, Tim?

“Mijn hoofdjob blijft dat advieswerk aan mensen om in ETF’s te beleggen. Ik verkoop geen beleggingen, maar vraag een vaste som voor dat advies, een soort van abonnementsgeld. Maar daarnaast geef ik ook nog een vak aan de Arteveldehogeschool in Gent, Private banking. Ik vind het leuk om die studenten een brede blik te geven op beleggingsproducten. De meeste van hen komen later in grootbanken aan de bak, en ik hoop dat ze dan kritisch hun producten kunnen analyseren.”

“En ik doe nog wat vrijwilligers- en freelance werk voor de vzw Vlaamse Federatie van Beleggers. Ik beleg er opleidingen en lezingen, organiseer online lezingen of beleggerscongressen. Eigenlijk is die vzw zowat de spreekbuis van de kleine belegger.”

“Eigenlijk is dat mijn passie. Maar ik ga ook graag op reis. Dit jaar heb ik op de achterbank van de auto op weg naar Sicilië de laatste hoofdstukken van ons boek uitgetikt. En ik neem binnenkort mijn tafeltennis in Merksplas bij TTK weer op. Af en toe een wedstrijdje: ik kijk ernaar uit!”

De hangmatbelegger (224 pagina’s / 24,99 euro)
is ook de naam van de website waarop je alle informatie over het boek vindt. Je kan je er ook abonneren op de nieuwsbrief van de schrijvers.
Je vindt op de website van uitgeverij Lannoo ook enkele smaakmakende hoofdstukjes van het boek.

Reageer

Back to top button