De nazaat

Knaaaap! zulke oprit zonder onkruid, glad en glimmend als de tegels van de badkamer.
Maar wordt het eens geen tijd om kleur te geven aan pesticiden? Bij voorkeur de kleur van dood, dus zwart of grijs, of fluo zodat het des nachts ons ook nog bij de les houdt, zodat we zien hoe het landschap en de mensheid hiermee wordt bedekt?
In plaats van dat mensen de neus ophalen voor een oprit met onbespoten groene voegen, zouden we de neus moeten ophalen voor de onnatuurlijke oprit waarop insect, dier noch kruid gedijt, waarop chemie heerst als de dood.
Ik weet het wel: het vraagt tijd om die tanker met die enorme lading ongemakkelijke waarheid te keren, zelfs in het nu reeds wetenschappelijke besef dat we later dit allemaal gaan weten (lees: eigenlijk wisten) als we zullen terugkijken.
Een jonge moeder passeert met haar kinderwagen een wolk glyfosaat dat van een veld waait; de hond die met zijn bespoten snuit het immens schattige, blozende wangetje van het oudere zusje likt; een chemisch deken dat via een open dakraam in de slaapkamer glipt, zich op het kussen legt, in de wieg; enkele voetbalploegen jonge snaken met open longen een beetje verder …
En terwijl, terwijl … huren we een vakantiehuisje dat omsingeld is met een soort Franse nonchalance; kniehoge grashalmen in de voortuin, groene voegen, gevallen bladeren aan de kant … zo schattig, zo gezellig.
Dus pleit ik voor de invoering van een prijs voor de meest ecologisch-creatieve oprit annex voortuin. Ons hoogste goed is ons nageslacht; ook de natuur is een nazaat.
Besef is een opdracht.
En die spreekt blijkbaar Frans.


