Van d’n Ollander (12): Woorden die aan de grens van betekenis veranderen
Wennen aan Merksplas

Pot en stok, eitje en appel, zakken en bakken, aan en tegen en tot slot aardig en aardig.
Allemaal zelfstandige naamwoorden, werkwoorden en voorzetsels/bijwoorden die iedereen kent, maar die in het Vlaams anders worden gebruikt dan in het Nederlands.
Pot en stok
Laten we beginnen met pot en stok. Als iemand die hier potdoof is de grens met Nederland passeert, is hij daar plotseling stokdoof. Pot wordt dus ineens stok. Nogal een metamorfose, maar het gehoor wordt er niet beter van.
Eitje en appel
Eitje en appel is een combinatie waar nogal wat over te zeggen valt. Iets kopen voor een appel en een ei is zowel in het Vlaams als in het Nederlands duidelijk. Je kunt aan beide kanten van de grens ook zeggen: voor een prikje, een habbekrats of zelfs voor een peul(en)schil.
Maar als je in Nederland zegt: “Met die man heb ik nog een appeltje te schillen”, wordt er in het Vlaams een eitje mee gepeld. Het doet me deugd dat beide uitdrukkingen in ieder geval op culinaire gronden gestoeld zijn …
Zakken en bakken
Als in Vlaanderen iemand zakt voor een examen, is de examinandus waarschijnlijk van de trap af gelopen, met de lift naar beneden gegaan of een heuveltje afgelopen, maar hij kan het examen met goed gevolg hebben afgelegd.
Een Nederlander die zakt voor een examen is in Vlaanderen gebakken. Zakken en bakken hebben dus verschillende betekenissen zodra je de grens passeert.
Aan en tegen
Als je in Vlaanderen iets aan een goede prijs koopt, zou je dat in Nederland tegen een goede prijs aanschaffen. En zoals je weet: Nederlanders zijn altijd voor een goede prijs…
Aardig(e)
In het Vlaams kan aardige (vaak uitgesproken als ‘nen aorigen’) worden gebruikt in de betekenis van “vreemd”, “raar” of “eigenaardig”. Ik heb begrepen dat het soms ook op “vrij groot” kan slaan.
In Nederland betekent aardig gewoon lief of vriendelijk. Maar soms wordt het ook gebruikt in een zin als: “Die test was aardig moeilijk.” Dan was die test dus helemaal niet lief of vriendelijk. In dat geval lijkt het toch weer sterk op het Vlaamse aardig.
Enfin, ik vind jullie allemaal lief – vooral als je de moeite neemt om te reageren op deze taalstukjes. Dat gebeurde bijvoorbeeld naar aanleiding van het vorige stukje dat ik schreef over tut. Ik kreeg de opmerking dat in het Nederlands tut ook gebruikt wordt voor een vrouw of meisje dat niet al te slim is. Dat is helemaal juist. Ik heb daar nog aan toegevoegd dat tut tut tut wordt gebruikt om iemand duidelijk te maken dat hij wat minder opgewonden moet reageren.
Reacties welkom!


