Van d’n Ollander (9): Smos, kapsalon en andere taaldingen
Wennen aan Merksplas
D’n Ollander was even buiten werking, maar ik ben er weer met (voor mij) enkele nieuwe ontdekkingen). Dus: “ik schiet weer eens op gang”. Voor mij klinkt dat alsof een politieagent dat zou kunnen zeggen als hij een foto schiet van iemand die te snel rijdt …
Ik kan mij voorstellen dat je daar je Vlaamse brein even voor laat werken. Als je van cryptogrammen houdt, ligt het wel voor de hand, anders moet je misschien even prakkezeren.
(Sowieso schiet jij natuurlijk nooit een foto, maar trekt die. Tja.)
De smos ontcijferd
Toen ik net in Merksplas woonde, zag ik bij veel broodjeswinkels dat ze daar “broodjes smos” aanboden. In het begin dorst ik dat niet te bestellen, want ik had geen idee wat dat zou kunnen zijn. Na wat googelen vond ik verklaring van het woord smossen. Volgens mijn zoektocht betekende dat morsen of knoeien. Maar dat verklaarde de naam nog niet van zo’n broodje. Na verder onderzoek bleek dat je nogal kunt knoeien met het eten van zo’n broodje omdat er erg veel beleg op zit. Dus ik heb er eentje besteld, en … de verklaring klopt.
Dat deed me denken aan een in Nederland populair “broodje kapsalon”. Daar kun je ook mee knoeien als je het rijk belegde broodje eet, maar de oorsprong is anders.
Een kapsalon met geschiedenis
Een broodjeswinkel in Rotterdam kreeg vele jaren geleden elke dag een bestelling van een kapper die een paar winkels verder zat. Die kapper had een heel speciaal recept dat hij doorgaf. Ik zal u besparen wat voor beleg hij allemaal op dat broodje wilde, maar het leek nog het meeste op het Vlaamse broodje smos.
Enfin, die kapper bestelde dat dus dagelijks en de man van de broodjeswinkel noemde het na een tijdje “broodje kapsalon” en zette die naam ook op zijn prijslijst. Dat werd zo populair dat het een veel besteld ding werd en inmiddels is het ook overgenomen door broodjeszaken in heel Nederland. Mochten we ooit weer eens één land worden, moeten we maar een vergadering beleggen om uit te maken of het een “smos” of “kapsalon” moet worden.
Dubbel en dik
We hebben dan dubbel en dik een gezamenlijke naam vastgesteld.
Alleen … in Nederland zeggen we niet dubbel en dik. Daar is het dubbel en dwars.
Nou, dat moeten we dan ook meteen maar oplossen in die vergadering.
Wassen met een droogzwierder
Even iets heel anders.
Door omstandigheden geeft mijn buurvrouw me les in wassen. Dat had ik nog nooit gedaan, maar nu moet ik dat leren. Dat wassen lukt me al aardig, maar bij drogen van de was liep ik toch weer tegen een leuk taaldingetje op. Mijn centrifuge heet hier ook wel een droogzwierder.
Deed me denken aan het oude woord voor ingenieur dat zowel in Nederland als België ooit populair was: vernufteling. Ik vind dat net zo mooi als droogzwierder. Ik pleit ervoor om dat vernufteling weer in te voeren.
Als je nou zin hebt om mij van repliek te dienen over taal, en specifiek over de verschillen in Vlaams en Nederlands, schroom dat niet en schrijf ons. Via de redactie zie ik je opmerkingen graag tegemoet.


