Columns

Verzuchtingen uit de goeie oude tijd

Het valt mij op dat ik tegenwoordig vaker zeg: ‘In onze jonge tijd was het leven toch allemaal veel simpeler dan nu”! Als ik de gefronste wenkbrauwen van de kleinkinderen zie relativeer ik dat dan weer meteen. Maar dat betekent waarschijnlijk wel dat ik oud word of het godbetert al ben!

Het duurt nog wel even voor het Kerstmis wordt. Maar in Merksplas beginnen de vrienden van de kerststal samen met vele sympathisanten al vroeg aan de cyclus van het stro voor de kerststal. In de tweede helft van oktober starten ze met het omploegen en voorbereiden van de akker. Na het zaaien en het juiste klimaat wordt er in juli met de hand gepikt.

Op 12 juli dit jaar werd er dan aan korenpikken gedaan op ‘grootvaders wijze’ met behulp van een paard. Het dorsen moet nog gebeuren midden oktober in een boerderij. Het strodak van de kerststal moet klaar zijn tegen december. Dus er is een jaarlijks terugkerende cyclus van geduld en opoffering nodig om ons de kerststal te geven die we gewend zijn.

Oude tradities blijven daarbij bewaard, waaronder het steken van een palmtakje op de hoeken van de akker om de oogst te beschermen. Naar jaarlijkse traditie wil ik het evenement bijwonen in juli.

foto: Rit Bols

Terwijl ik de activiteiten gadesla en fotografeer gaan gedachten naar mijn jeugd van lang geleden. Alles lijkt hier op dat korenveld te vertragen. Leven op het ritme van de seizoenen. De mensen zijn hier vriendelijk tegen elkaar. De rode doek met witte bollen is een symbool voor de noeste werkers. Ze dragen de sjaal met fierheid. Het paard rijdt behoedzaam langs de korenaren op het commando van de boer. Hoe eenvoudig was het leven toen! Of leek dat alleen maar zo? Het evenement raakt elk jaar toch weer een gevoelige snaar bij heel veel mensen. 

Onzekerheid, chaos, oorlog zijn maar enkele benamingen die dagelijks het nieuws halen en voor angst zorgen. Goed nieuws moet men vaak met een vergrootglas gaan zoeken en dat zorgt voor onrust.

Woorden als stress, burn-out, vliegvakantie en een big Mac hadden nog geen plaats gekregen in de Dikke Vandale. De computer en de gsm waren nog niet uitgevonden en auto’s waren eerder een zeldzaamheid. Elektrische fietsen bestonden uiteraard ook nog niet. Iets weggooien wat nog kon gebruikt worden was ondenkbaar. Recycleren moest nog uitgevonden worden.

Handenarbeid was de normaalste zaak van de wereld. Er werd niet gezeurd over werken op een zondag. Extra loon voor ploegenarbeid was onbestaande. Weer, wind en regen werden bijzonder goed opgevolgd door Armand Pien, de weerman die met veel humor een fikse donderbui wist te verkopen. De boeren en vooral de boerinnen hingen aan zijn lippen. Alles verliep nog ambachtelijk en met veel liefde voor het vak. 

Best tevreden

We waren best tevreden met wat we kregen. Argumenteren om gelijk te krijgen was niet weggelegd voor gewone mensen. Luisteren, zwijgen en volgzaam zijn waren edele doelstellingen in ons leven.

De politiekers waren nog niet op Facebook om zich te laten ‘liken’. Het waren meestal net geklede mannen die aan politiek deden en hun ambt werd vaak doorgegeven aan hun zoon of vriend. En geen kat kraaide ernaar laat staan een papegaai.

Vrouwen aan de haard keken ernaar en dachten allicht dat het goed was.

foto: Rit Bols

Al was er af en toe toch eens een betoging of onrust waarbij slagzinnen gekalkt werden op de macadam. Ik herinner mij nog dat ik als ongehoorzaam kind riep: ‘Weg met Collard zijn wet’. Deze tekst was kalligrafisch verankerd op de weg vlak voor ons huis. Als ik naar school ging sprong ik van de ene letter op de andere en scandeerde de zin met veel politieke overtuiging. De achtergrond van heel die hetze kende ik toen nog niet. Daarvoor moest ik wachten tot Google gearriveerd was om het op te zoeken. Het was iets over een schoolstrijd. Misschien ben ik toen met mijn stem bepalend geweest voor de toekomst voor die politicus. Ik heb een klein steentje verlegd in het politieke landschap.

Vrouwen waren toen nog niet voldoende geëmancipeerd en werden vaak na de nodige zwangerschappen –  aan hun haard oud – zonder morren. Al breiend achter de Leuvense stoof verdienden zij hun hemel. Al poetsend hielden zij hun eigen heimat kraaknet. De kinderen vonden meestal bij de moeder een veilig onderkomen.

En de vaders waren gedoemd om buitenshuis het geld te gaan verdienen. Mits enige overdrijving kan ik zeggen dat niet alles goed was toen.

Nu zijn we eerder aanbeland in een aards Paradijs waarin we toch alsmaar meer ontevreden worden. We willen op elke moment van de dag bereikbaar zijn. Alles wordt instant aan huis bezorgd. De dressroom en kasten puilen uit met spullen die we voor de helft best kunnen missen. Er is file op de weg omdat we ons liefst willen vervoeren in prachtige en snelle auto’s. Honger lijden doen de meeste onder ons niet, tenzij ze naar Weight Watchers gaan. 

Het positieve in deze tijd

Toch blijf ik hoop koesteren dat de jonge mensen van nu ons weer een weg gaan wijzen naar het positieve dat zich in dit tijdsgewricht openbaart. Ik ben blij dat ik oud kan worden in deze huidige tijd en op deze plaats in de wereld.

Even vertoeven in het verleden raakt bij mij toch steeds een gevoelige snaar.

Reageer

Lees ook
Close
Back to top button