
Excuses, ik begrijp het, de titel van mijn artikel vraagt de nodige duiding. We schrijven zaterdag 29 en zondag 30 november en de muzikanten van ons jeugdorkest en fanfareorkest maken zich op voor hun langverwachte themaconcerten met als thema ‘Musical’.
Normaal betekent dat, net als voor hen, ook voor mij nog een laatste muzikale rush op de repetitie donderdag en de generale op vrijdag. Op dat moment ben je als muzikant geprepareerd om het beste van jezelf te geven: de techniek zo goed mogelijk in de vingers, de longinhoud kan concurreren met het vermogen van de gemiddelde bladblazer en het ‘ammezuur’ scheert ongekende toppen.
Aankomst in de foyer
Zaterdag omstreeks 19u. Ik kom ietwat aarzelend de foyer van het gemeenschapscentrum binnen en word dadelijk begroet door de gezusters Bluekens. Uiteraard doneer ik eerst mijn vereiste bijdrage, 10 euro voor maar liefst twee optredens, Live Nation kan er een puntje aan zuigen. Programmatje in de hand en gauw even een goed zitje zoeken. Ik ben echter de zaal nog niet binnen en al twee muzikanten spreken me licht verontrust aan en fluisteren: “Laura is ziek, ze kan niet dirigeren.” Oei, wat nu, het jeugdorkest als een losgeslagen schip op de dool? We zullen wel zien, SW kennende zal er wel een oplossing gevonden worden.
Een andere blik vanuit de zaal
Eens binnengekomen neem ik plaats, vierde rij vooraan langs het gangpad, genoeg ruimte, maar ook niet knal in het midden om mijn zicht te laten ontnemen door de rug van een bedrijvige dirigent. Iets later sluit ook mijn moeder aan. Nu nog even bonnetjes kopen, 0%-je bestellen en het muziekfeest kan beginnen.

Jeugdorkest onder nieuwe leiding
Onze voorzitter steekt van wal en heet iedereen van harte welkom, waarna het ‘sfeer- en gezelligheidsgehalte’ procentueel gestaag toeneemt wanneer speaker Luc Rieberghs van wal steekt. Het jeugdorkest komt op en nadat alle muzikanten op het podium zitten, zie ik verschillende mensen in spanning, maar ook heel nieuwsgierig naar de deur kijken. En jawel, er is een oplossing: het schip van Jeugd SW zal bestuurd worden door dirigent Bart Van Casteren. De ervaren kapitein heeft nog maar een uurtje geleden te horen gekregen dat hij deze avond een dubbele shift moet draaien, maar daar is niets van te merken op het podium.

Met zijn gekende gedrevenheid leidt hij ons jeugdorkest door verschillende wateren, van de muziek van The Lion King (‘Can You Feel the Love’) over ‘Pinocchio’ naar een schitterend slot met ‘A Whole New World’ uit Aladdin. Ik vond dat er zeer muzikaal gespeeld werd en je hoorde ook duidelijk dat er gewerkt was op de balans. Knap gedaan!
Ondertussen had Luc er ook het animo ingehouden en waren in het rondje ‘raad de musical’ al een snoeppakket, bezemsteel en gloeilamp gepasseerd. Dit smaakte naar meer. En dat kregen we ook met de toegift ‘A Friend Like Me’, wederom uit Aladdin, met een knappe krachtmeting tussen de trompetten enerzijds en euphonium en trombone anderzijds. Een welverdiend oorverdovend applaus en de jeugdmuzikanten gingen terecht vol trots van het podium.

Ombouw en ontspanning
Een korte pauze werd ingelast om het podium te herschikken voor het fanfareorkest. Normaal sta ik daar dan zelf met een papier rond te drentelen om samen met Jef en Dominique de nodige stoelen te verplaatsen, gewone met digitale pupiters te verwisselen (of was het toch weer omgekeerd) en te tellen en hertellen. Ben Verlinden nam deze keer de honneurs waar, terwijl ik nog eens relaxt van mijn Stella kon nippen. Geen slechte wissel, me dunkt. En dan was het moment aangebroken om de fanfare op het podium te verwelkomen.
De fanfare neemt het over
Met maar liefst 56 muzikanten traden ze aan. Ik heb het volgehouden om van de eerste tot de laatste (terecht) te applaudisseren, maar dat voel je dan wel in de handjes. Ook Bart verscheen voor een tweede shift en we staken van wal. Ik had enkele maanden geleden tijdens de eerste repetities voor dit themaconcert al wel gemerkt dat het thema ‘musical’ sommige (vooral vrouwelijke) muzikanten in een lichte vorm van extase bracht, terwijl andere (vooral mannelijke) muzikanten er aanvankelijk eerder lauwtjes op reageerden.
Ik was zelf eerlijk gezegd ook niet meteen overtuigd en kreeg al visioenen van nummers vol zeemzoeterige melodietjes, tot ze onze oren uitkwamen. Maar niets van dat alles. Het partiturenteam had zijn huiswerk goed gemaakt. Reeds bij het eerste muziekwerk ‘Tintin’ uit de Kuifjemusical werd het duidelijk: dit zou niet zomaar een luchtig, frivool tussendoorconcertje worden.

Muzikale hoogtepunten
‘Highlights from Elisabeth’ over de legendarische Oostenrijks-Hongaarse keizerin Sissi en ‘Les Rois du Monde’ uit Romeo en Julia voerden de zaal naar andere tijden en de zachte passages werden als een warm dekentje over het publiek gelegd.
Wat me ook opviel, is dat de sound in de zaal helemaal anders is dan wanneer je op het podium zit. Je hoort vanuit het publiek veel meer muzikale nuances en je krijgt ook een veel duidelijker beeld van de rol van je eigen instrumentengroep in het geheel. Een aanrader voor iedere muzikant (maar zeker geen reden om er een gebroken schouder voor te riskeren).
We gingen verder met de musical der musicals ‘Les Misérables’, waarvan ik wist dat de verschillende tempi en vooral de vele wisselende voortekeningen een serieuze uitdaging vormden, maar wat werd dit knap gebracht door onze muzikanten. De ‘amai’s’ en ‘wauw’s’ in de zaal weerklonken.
Pauze en tweede deel
Met het laatste nummer voor de pauze, ‘Selections from Mary Poppins’, daagde Luc ons uit met de tongbreker ‘supercalifragilisticexpialidocious’. Wat we niet uitgesproken kregen, klonk des te vrolijker uit de instrumenten van de muzikanten.
Tijd dan voor een pauze. Even bijkletsen met wat bekenden en het innerlijke vochtpeil aanvullen, en we konden weer van start voor deel twee.

Finale met staande ovatie
Het eerste nummer, ‘A Musical Fantasy’, was niet echt een musical, maar neigde meer naar een typisch werk voor fanfare- en harmonieorkesten. Persoonlijk één van mijn favorieten van de avond, met heel wat oorwurmen. Een goed concert kan ook niet zonder een stuk dat het publiek van zijn sokken blaast. Voor mij was dat zeker ‘The Phantom of the Opera’. De binnenkomer alleen al walste als een vastberaden, doch aangename muur van geluid over het publiek. We trilden tot op ons bot mee met de zware kopers, zalig!
Met ‘Jesus Christ Superstar’ keerde de rust wat terug om daarna nog eens alle registers open te trekken met ‘Greased Lightning’ en een medley van overbekende nummers uit de musicals Mamma Mia, La La Land en Chicago. Ondertussen was duidelijk dat ‘haar of kapsel’ een soort rode draad door de presentatie aan het worden was en had onze voorzitter bijgevolg een nieuwe gelcoupe aangemeten gekregen. Het orkest werd meer en meer ontspannen en dat merkte je ook op het podium aan het toenemend aantal muzikanten dat dan begint mee te bewegen met de muziek. De prijzen in deze categorie gaan sowieso naar de altsaxsectie en de eerste bugel (of is het cornet) op de eerste plaats van de laatste rij.
De zaal ging na het laatste nummer dan ook helemaal los. Wat is er op dat moment dan beter dan er nog een schepje bovenop te doen met de knaller ‘You Can’t Stop the Beat’ uit de musical Hairspray. Het dak ging eraf, met een staande ovatie tot gevolg.

Zondag: zelfde concert, ander gevoel
Op zondag tekende ik opnieuw present, zij het in ander gezelschap, en onder goedkeurend oog van onze twee kassières betaalde ik opnieuw braaf mijn tien euro. Aangezien me dat de vorige dag bevallen was, nam ik opnieuw dezelfde plaats in. Ook nu was het weer genieten van begin tot einde. Laura was weer present en gidste haar jeugdmuzikanten weer prachtig door het programma. Ik bespaar jullie verder een volledige herhaling.
Wat me het meest opgevallen is, is dat verschillende muzikanten, en vooral die van de jongere soort, er wat minder fris en fruitig uitzagen dan een etmaal voordien. Ik vraag me af aan wat dat gelegen zou hebben, …

Tot slot
Zo, beste medemuzikanten, dit was mijn relaas van jullie geweldige muzikale tweedaagse. Ik heb er enorm van genoten en achteraf ook nog maar eens beseft hoe blij ik mag zijn om deel uit te maken van zo’n geweldige, muzikale en sociale bende. Tot binnenkort, wanneer ik op donderdag weer mijn vertrouwde plaats zal innemen tussen jullie. Maar misschien toch alvast voor dan: “Zou iemand me dan wat ‘ammezuur’ kunnen lenen?”



Voor de fanfareleken zoals ik zocht ik even het woordje ammezuur op.
“Ammezuur is een Brabantse/Tilburgse term, afgeleid van het Franse woord ‘embouchure’, en verwijst naar de juiste mond- en lipstand om een blaasinstrument goed te bespelen. Het betekent ook de aanleg of het vermogen om goed te spelen, maar wordt in Tilburgse spreektaal ook breder gebruikt voor goede vorm, conditie, zin of fut hebben, zoals “een goei ammezuur hebben”.
Muzikale betekenis
Mond- en ademhalingstechniek: De juiste techniek van lippen, kaak, tong en mondholte om geluid te produceren op een instrument.
Het hebben van ‘ammezuur’: De geschiktheid of aanleg hebben om een blaasinstrument goed te bespelen. “