Van d’n Ollander (16): Waarom ik Vlaams zo plezant en curieus vind
Wennen aan Merksplas
Ten eerste omdat ik een taalfreak ben natuurlijk. Maar ook omdat ik zie dat Nederlands en Vlaams bij hun ontwikkeling veel overeenkomsten hebben, maar tegelijkertijd ook opvallende verschillen.
Al was het alleen maar wat betreft de uitspraak. Iedere Vlaming heeft na vier woorden van een Nederlander door dat het geen Vlaming is. En dat geldt andersom ook.
Ook het gebruik van een bepaald woord kan je (taal)afkomst verraden. Zegt iemand ‘plezant’, dan weet je zeker dat het geen Hollander is. Of het is een Hollander die probeert Vlaams te klinken. Sommige Hollanders doen dat wel eens. Dan zeggen ze ‘awel zunne’ in volstrekt foute zinnen. Ze denken dan dat ze klinken als een Vlaming, maar dat is beslist niet zo. Enfin, je hebt vast wel eens zo’n type ontmoet.
Woorden die je verraden
Een Hollander die vaker in Vlaanderen is geweest dan alleen op doorreis naar Parijs, kent sommige woorden natuurlijk wel. ‘Botten’ (laarzen) kende ik bijvoorbeeld al. Het woord wordt in Nederland niet gebruikt, hoewel die laarzen daar natuurlijk wel bestaan. Ze heten daar gewoon laarzen.
Zo vind ik ‘blaasjes wijsmaken’ een mooie uitdrukking. De oorsprong ligt in het opblazen van een varkensblaas die er aardig uitzag, maar uiteindelijk niets voorstelde.
De namen van beroepen zijn ook opvallend, tenminste voor mij. ‘Ambulancier’ snap ik meteen, maar het woord is typisch Vlaams. Met ‘facteur’ had ik wat meer moeite. Pas na uitleg begreep ik dat daarmee de postbode wordt bedoeld.
Ook ‘prossen’ was mij niet duidelijk totdat ik hoorde dat het ‘knoeien’ betekent.
Van ambulancier tot uilekotje
En tot slot nog eentje die ik op televisie zag. Bouwvakkers waren op het dak van een huis bezig om een ‘uilekotje’ aan te brengen. Er werd getoond wat ze deden, dus ik begreep het wel, maar ik zou het een dakkapel hebben genoemd. Bij nader onderzoek bleek dat het woord ook bepaalde, goedkopere zitplaatsen in een theater kan aanduiden.
Ik heb overwogen om een Vlaams-Nederlands woordenboek aan te schaffen. Maar ik ga het niet doen. Het is veel leuker om een kladblokje bij me te hebben en telkens als ik iets hoor dat anders is dan het Nederlands, het te noteren. Vervolgens zoek ik wel op waar het woord vandaan komt en wat het precies betekent.
Mijn eigen woordenboek
Op die manier behandel ik uitsluitend de taal van het dagelijks leven. En juist dat vind ik zo leuk: telkens opnieuw een woord of uitdrukking ontdekken die voor een Vlaming heel gewoon is, maar voor mij als Ollander helemaal nieuw.
Ik hoop, lieve lezer, dat jij dat ook leuk vindt.


