Hoe je van een LAA af kunt komen door over de grens te bollen

Het werkwoord bollen was nieuw voor mij. Intussen weet ik dat het betekent dat je ergens rustig naartoe rijdt.
Grappig genoeg is er tegenwoordig ook een reclamespot van Bol.com op de Nederlandse televisie waarin het werkwoord bollen een heel nieuwe betekenis krijgt. Ik ben er vrij zeker van dat de makers Nederlanders zijn die geen idee hadden dat bollen in Vlaanderen al lang bestaat. Maar wat heeft dat nu met een LAA te maken? Ik leg het uit.
Tegenover mijn huis wordt gebouwd. Er komen enkele huizen en appartementen. De aannemer heeft een groot bord op de werf gezet waarop staat dat hij metsers zoekt.
Stel dat hij zo’n metser vindt, maar dat die besluit rustig naar Nederland te bollen om daar zijn beroep uit te oefenen. Dan krijgt hij er vanzelf een laa bij. Hij wordt daar namelijk een metselaar. In Nederland is het woord metser onbekend.
Dan nog iets over schoon, steen en kei
Je kunt ergens “schoon genoeg” van hebben, maar schoon betekent in Vlaanderen ook mooi. Waar een schoon meisje in Nederland iemand zou kunnen zijn die net uit bad komt, is het hier gewoon een mooie meid.
En als iets in Nederland steengoed is, dan doen de Vlamingen er nog een schepje bovenop: hier is het keigoed. Dat voorvoegsel kei- duikt trouwens overal op om aan te geven dat iets heel erg of bijzonder is. Nederlanders denken weleens dat het iets met de Vlaamse wegen te maken heeft, maar dat is dan weer een heel ander verhaal.
Paarden malen op de kermis?
In oktober is het weer kermis en daar zal ongetwijfeld ook een paardenmolen staan. Tenminste… zo noemen ze dat hier. (En ik zal proberen te onthouden dat ik daar foto’s ga trekken en niet foto’s ga maken.)
Vertel je een Nederlander dat er een paardenmolen op de kermis staat, dan kijkt die waarschijnlijk eerst vreemd op. Zijn eerste gedachte is misschien: “Waarom zouden ze op de kermis paarden gaan malen?” Gelukkig kan ik hem dan geruststellen: een paardenmolen is gewoon het Vlaamse woord voor een draaimolen.
Het lidwoord
Nog iets wat me opvalt: als iemand het over een man heeft, wordt er in de spreektaal vaak een lidwoord voor de voornaam gezet. Dan hoor je bijvoorbeeld “den Dirk” of “de Jef”. Dat lijkt heel gewoon te zijn.
Bij vrouwennamen hoor ik dat veel minder. Misschien heeft dat wel iets met het lidwoord te maken…
Heb je opmerkingen, aanvullingen of frustraties? Laat het gerust weten aan de redactie. Het mag zelfs over deze column gaan, maar dat hoeft natuurlijk niet.
De Wim


